“Denk erom hoor, je neemt geen zielige beestjes mee terug! We hebben al twee poezebeesten en die vinden dat óók niet leuk”  Ik hoor het mijn toenmalige partner nog zo zeggen.

Reden voor deze uitspraak ? Mijn werkvakantie met  Ecovolunteer naar La Gomera om mee te werken aan een  dolfijnenproject.

Naast de fantastische boottochten, de theorielessen,  het bijwerken en het (leren)  interpreteren van alle data, was er natuurlijk ook voldoende vrije tijd om te genieten van het eiland.

En, zoals in veel Zuid Europese landen, wordt ook La Gomera overspoeld door zwerfkatten en tsja, ondergetekende is niet in staat om daar voorbij te lopen. Dus na een dag, begonnen mijn ochtenden met een wandeling naar de supermarkt om daar kattenbrokjes en schoon water te halen en naar ‘mijn’ twee plekken met zwerfkatten te gaan om die, voor zover je daar van kunt spreken, te ‘verzorgen’.

Nog steeds krijg ik een wee gevoel in mijn buik als ik naar de foto’s van toen kijk. Poezen met één oog, zwerende wonden, verminkte pootjes, oorinfecties waar je ‘u’ tegen zegt…maar ze leken zich toch goed te redden, kwamen naar me toe gerend en rolden over elkaar heen om bij het eten te komen. Allemaal….behalve eentje… Die lag daar, een week of acht oud, in haar eigen ontlasting en deed niet eens meer een poging om bij het eten te komen.

Ik begon weg te lopen, moest naar de boot om dolfijnen te gaan zoeken, had thuis beloofd geen ‘gekke dingen’ te doen…. maar na 20 meter keerde ik me weer om en liep terug naar dat hummeltje. Ze (ook al wist ik dat toen nog niet) keek naar me op, deed een halfslachtige poging om naar me te blazen en liet toen haar kopje weer zakken. Met een brok in mijn keel heb ik haar opgepakt en ben met mijn kostbare pakketje naar het verzamelpunt gegaan waar de groep al stond te wachten.  Eén van de begeleiders bracht mij in contact met een Nederlandse dame die op La Gomera woont en zich met hart en ziel inzet voor de vele zwerfkatten daar, en aangezien mijn Spaans niet verder komt dan ‘camping-niveau’ is het wel fijn als er iemand met je meegaat naar de dierenarts en in vloeiend Spaans praat over pillen, poeders, pasta’s en spuiten.

Een lang verhaal kort: na 4 bezoeken aan de dierenarts en een officiële verklaring dat ze gezond genoeg was om mee te gaan, ging Muisje, zoals ze inmiddels was gedoopt, mee naar Nederland.

In Nederland kreeg ik van mijn eigen dierenarts nog een (terechte!) preek …immers, als Muisje ziektes had meegebracht die we in Nederland niet hebben, hadden ze de benodigde medicijnen niet gehad met alle gevolgen van dien voor andere dieren. Ze heeft ook nog een terugval gehad en moest thuis een week in quarantaine.

En, over ‘thuis’ gesproken…waar ik van tevoren nog het volste vertrouwen had in Magic en Max en hun gastvrijheid, eenmaal aangekomen met Muisje was ik zwaar onder de indruk (negatief) van de boosheid en stijfkoppigheid van Magic…. ik wist niet dat íe zó kon blazen. Het kwam werkelijk uit zijn tenen. Muis heeft een paar dagen onder de kast gelegen met Magic ervoor en o wee als Muis onder de kast vandaan wilde komen, Magic sloeg haar zo weer terug.

Na een week fulltime kittensitten en als een scheidsrechter in een boksring geleefd te hebbe

n,  ( het heeft dus heel wat kattenpootjes in de aarde gehad) ging het al een stuk beter en inmiddels zijn we een aantal jaren verder en heeft Muisje zich ontwikkeld van een zwak en ziek hummeltje tot een kleine verwende diva met lellebel-neigingen. Zo flirt ze met alle loslopende katers, eist ze altijd het beste schootplekje op, komt ze steevast dwars over je krant / toetsenbord / boek  heenliggen want madame wil geknuffeld worden, gaat ze regelmatig naar Magic toe om hem te wassen (ah, lief!) om hem vervolgens doodleuk in zijn oor/staart /poot te bijten (ach, toch minder lief) en zorgt ze er wel voor dat je ’s morgens éérst hun natje en droogje regelt en je pas daarna voor jezelf mag zorgen. Jaja, ze heeft haar personeel goed afgericht ;)

Muisje is inmiddels alweer 9, wordt volgend jaar 10. Bij andere mensen is ze nog steeds heel erg op haar hoede, bij degenen die ze goed kent, komt ze – soms-  een knuffel halen en buitenshuis ben ik de enige die haar op kan pakken…het is en blijft dus duidelijk dat ze een ongelooflijk rottige start heeft gehad maar ik weet ook dat ze nu een heel blij poezebeest is.

Eén van de meest gehoorde opmerkingen toen ik terugkwam met Muis was ‘Syl, je kunt de wereld niet veranderen en niet alle dieren redden’. Dat klopt inderdaad….maar als we nu allemaal eens een beetje doen, allemaal één beestje redden, dan zou de wereld wat mij betreft een heel stukje mooier zijn.

 

 


Dit artikel is 2.357 keer gelezen | Geschreven door