Er is geen leger gevoel dan naar de dierenarts gaan mét een kat en thuis te komen zonder. Het huis lijkt opeens leger en stiller en de dag verliest zijn glans. Mijn kat komt straks weer thuis, nadat de dierenarts hem een tijdje heeft kunnen observeren, maar dat maakt het gevoel van leegte op de een of andere manier niet minder. En de zorgen om mijn kleine Pietje Bel, al helemaal niet.

Als het om mijn katten gaat, ben ik nogal een piekeraar. Omdat ik kantoor aan huis heb, brengen we samen veel tijd door en ik houd ze dan ook goed in de smiezen. Mijn vorige kat (Shiri) stierf een paar jaar geleden doordat zijn nieren het niet meer deden. Tegen de tijd dat de dierenarts dat constateerde was het eigenlijk al te laat. Shiri was binnen een paar weken niet meer. Kapot was ik ervan. Helemaal stuk. Maar het ergste vond ik nog, dat ik een jaartje voor zijn dood nog tegen mijn vriend zei: “Er is iets aan de hand met Shiri…” Maar het leek niets lichamelijks. Hij gedroeg zich gewoon net wat anders dan anders. We zijn toen nog wel naar de dierenarts geweest, maar die kon zo 1,2,3 niets vinden. Wij waren gerustgesteld, ik wilde daarna niet overdrijven en wachtte (achteraf) te lang met teruggaan toen er dus wel wat aan de hand was.

Die fout maak ik niet nog een keer.

Schudden

Toen Nicolai een paar weken geleden opeens de hele tijd met z’n kopje begon te schudden en een lusteloze indruk maakte, maakten we dan ook al na twee dagen een afspraak bij de dierenarts. Daar werd hij goed nagekeken, maar alles zag er an sich prima uit: “Het kan ook stress zijn, omdat jullie een nieuw kitten hebben.” Schuldgevoel alom (nou ja, bij mij) en met pilletjes tegen de misselijkheid (waar het kopschudden op zou kunnen wijzen), gingen we weer naar huis. Daar gaven we hem zijn favoriete hapjes en lekkere snoepjes.

Heel even leek het weer wat beter te gaan. Wild werd hij van het voer dat we hem voorzetten en het kopschudden nam in elk geval af.

Observatie

Nu twee weken later, is het nog steeds niet helemaal weg. En Nicolai is nog steeds niet helemaal de oude. Hij komt niet meer zo vaak bij ons zitten, rent gauw weg als ik hem probeer te aaien en eet zelfs zijn favoriete hapjes niet helemaal op. Dat is niet goed. Daar word ik zenuwachtig van. En dus vertrokken we vanmorgen – met een hevig protesterende Nicolai – weer richting dierenarts: “We houden hem hier een dagje ter observatie.” Als je buik in een knoop kan raken, dan deed die van mij dat bij die woorden. “Het betekent nog niks hoor, we willen hem gewoon observeren,” stelde de dierenarts mij gerust. Maar hij stelde mij natuurlijk helemaal niet gerust. Door mijn hoofd schoot kleine Shiri, die na 13 jaar stierf in mijn armen.

Duimen

Ik weet heus wel dat katten geen kinderen zijn. Maar je bent een kattenvrouwtje of je bent het niet. En ik ben het wel. En nu zit ik in mijn huis, dat leeg voelt zo zonder Nicolai erin. Al zijn Anastasia en Isadora er nog. Maar er mist er één. Eind van de dag mogen we hem weer ophalen. Dus het valt heus mee. Maar waarom ben ik nu dan zo gestrest? Ik aai Isa en Ana maar over hun bol en samen duimen we (nou ja, ik duim…zij hebben geen duim) dat Nicolai gewoon iets onbelangrijks onder de leden heeft. Iets dat uit zichzelf weggaat. En dat het ergste wat hij hieraan overhoudt een klein beetje venijn  is over dat we hem bij de dierenarts hebben gelaten. Duim je mee?


Dit artikel is 2.755 keer gelezen | Geschreven door

Over de auteur

Kattenvrouwtje, nerd, Star Trek (Janeway), Xena, serieel site producer.