Toen ik mijn kat kreeg, hield ik hem binnen. Ik woonde in een drukke stad en was bang voor alle gevaren die een jonge kat kan tegenkomen. Later zijn we tot grote opluchting van de kat verhuisd naar een plek waar hij naar buiten kon.

Ik denk dat een kat van nature graag buiten is. Het is een jager en vooral poezen hebben veel sociale contacten nodig.

Katten die binnen zitten, hebben nog steeds dat jachtinstinct. Ze hebben beweging nodig, willen rennen, klimmen en springen. De kat van een vriend van me woonde op een flat en had af en toe een paar gekke minuutjes. Hij sprong in de boekenkast, glazen gingen omver en de papieren dwarrelden over de grond. En o ja, zijn prachtige groene gordijnen moesten het ook ontgelden.

Buiten gevaarlijk

Binnenkatten leven langer en blijven ook langer lichamelijk gezond. Dat zijn voordelen. Maar ze hebben ook meer kans meer kans op gedragsstoornissen en psychische problemen.

Zo zijn binnenkatten minder gewend dan buitenkatten en zullen ze eerder gestrest reageren op veranderingen. Dat kunnen ze afreageren op de meubels en de vloerbedekking wat ook fijne plekken voor ze zijn om de nagels een lekker te scherpen. Het is belangrijk dat je de inrichting van je huis zoveel afstemt op de aanwezigheid van je kat.

Als een binnenkat ontsnapt, kan dat extra gevaarlijk zijn. Hij heeft geen ervaring met het buitenleven en kent de gevaren van verkeer, honden en andere katten niet. Het is als je besluit je kat binnen te houden, daarom belangrijk goed op openstaande ramen te letten en de deuren dicht te houden. Je kunt ook horren voor de ramen plaatsen.

Tips voor de binnenkat

Vroeger kwamen alle katten buiten. Maar toen de kattenbak werd geïntroduceerd, hielden steeds meer mensen hun katten binnen. Als je in een drukke omgeving woont of op een flat is het best begrijpelijk dat je je kat liever binnen hebt.

Maak het je kat dan zo aangenaam mogelijk. Hier zijn wat tips:

Maak één ruimte geschikt om volledig los te gaan. Zo had ik een praktische zwarte keuken waar de kat weinig sporen kon achterlaten en waar ik alle breekbare spullen alle slot en grendel had gedaan. Daar mocht alles: over tafels en stoelen vliegen, krabben aan de krabpaal (verder viel er niet veel te krabben), rollen, dollen, springen op de kasten…

Ik liet de kat daar ook soms als ik eens wat langer weg bleef. Af en toe peuterde mijn kat dan wel de zakken voer open die ik was vergeten op te bergen. Dat was niet zo goed voor zijn gewicht, iets waar je bij een binnenkat toch al op moet letten.

Een andere tips is een maatje om mee te spelen. Die kun je meteen uit het nest meenemen, maar je kunt ook een bijpassend exemplaar uit het asiel halen.

Bezoek voor je kat

Ontvang regelmatig bezoek zodat je kat ook aan anderen went. Dan is het niet zo schrikken als er eens iemand langskomt die hij niet kent.

Bezoek is meteen wat afleiding. Want dat heeft je binnenkat nodig om zich niet te vervelen.. Speel dus met hem en zorg voor balletjes, muizen en touwtjes met pluizen. Lees ook even deze tips om een binnenkat gelukkig te houden.

Verder zorg je voor gras in een kweekbakje, al moet je ervoor uitkijken dat er geen grasprietjes in de keel blijven hangen, en knip je regelmatig zijn nagels. Anders heb je kans dat je kat in een dolle bui in de vitrage blijft hangen.

En wil je je kat toch eens wat meer van de wereld laten zien of langzaam laten wennen aan het buitenleven? Dan kun je hem meenemen aan een riempje. Zo wordt het misschien toch een buitenkat.

Kijk goed naar je kat

Binnen- of buitenkat, kijk goed naar wat jouw kat zelf wil. Je kunt bij de keuze van je kat al kijken of hij binnen wel gelukkig wordt. Uiteindelijk heb je niets aan een gefrustreerde kat die alles sloopt of depressief is. Jullie moeten allebei gelukkig zijn met de situatie.

Foto door Afbeelding van photosforyou via Pixabay


Dit artikel is 338 keer gelezen | Geschreven door